Nederlanders houden over het algemeen van direct zijn. In onze samenleving gaan we ervan uit dat directheid prettig is. We geven snel feedback in de ogen van veel buitenlanders. Toch zeggen ook wij niet alles. Wat je op tafel legt en wat je ontkent of er een beetje besmuikt over doet, is voor een groot deel cultureel bepaald. Dat geldt overigens ook voor organisatieculturen. Bekend is bijvoorbeeld dat beroepen met een grote gevaarzetting, waarin je voor je overlevingskans afhankelijk bent van je collega's, zoals politie- en brandweerwerk, er minder direct feedback wordt gegeven dan in culturen waar mensen meer autonoom kunnen werken.
In de antropologie noemen we het georganiseerd in de lucht houden van een geheim of een georganiseerd cultureel verbod een taboe. Waar je een pleidooi kunt houden voor ‘alles moet op tafel komen’, zijn er veel, heel veel culturele constructen die gaan over taboes. Ieder volk, organisatie of team heeft zo zijn of haar eigen variant. Een taboe is iets dat wordt beschouwd als ongepast om te gebruiken, te doen of over te spreken. Het woord taboe is afkomstig uit het Tongaans van Polynesië (tapu of tabu), waar het stond voor een religieus verbod op op bepaalde plaatsen, voorwerpen, personen of acties. Het schenden van een taboe in een bepaalde cultuur kan leiden tot reputatieschade, sociale uitsluiting of andere vormen van straf. Soms kan het schenden van een taboe leiden tot rechterlijke vervolging.



